Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Besluit in- en doorstroombanen
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 30 juni 2006

 

TIJDELIJKE  STIMULERINGSREGELING  REGULIER  MAKEN  10i000  ID-BANEN

Vervallen
m.i.v. 1 juli 2006
(art. 15:1 van deze regeling)

 
 

14 februari 2003, Stcrt. 2003, 37
Inwerkingtreding: 1 maart 2003
Vervalt m.i.v. 1 juli 2006
(T.a.v. artt. 3:1, 5 en 8:1 Kaderwet SZW-subsidies)

 

 

 

 
REGELING van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, M. Rutte, houdende regels met betrekking tot verstrekking van een eenmalige subsidie aan  werkgevers  die een dienstbetrekking als bedoeld in het Besluit in- en doorstroombanen omzetten in een reguliere dienstbetrekking voor onbepaalde tijd

14 februari 2003/nr. ABG/GA/2003/11852
Directie ABG

     De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid, M. Rutte;
     Gelet op de artikelen 3, eerste lid, 5 en 8, eerste lid, van de Kaderwet SZW-subsidies;

     Besluit:

 

 

Art. 1. Definities
-1. In deze regeling wordt verstaan onder:
a. minister: de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid;
b. ID-dienstbetrekking: een dienstbetrekking als bedoeld in artikel 3, eerste lid, van het Besluit in- en doorstroombanen, zoals dit besluit luidde op 31 december 2003;
c. reguliere dienstbetrekking: een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke dienstbetrekking waarvoor de werkgever geen voorziening ontvangt als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstand;
d. werkgever:
1º. een publiekrechtelijk lichaam of een instelling als bedoeld in het vierde of vijfde lid van ¹ het van Besluit in- en doorstroombanen, zoals dat besluit luidde op 31 december 2003, die ondernemer is als bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, van de Wet op de ondernemingsraden; dan wel
2º. een rechtspersoon waarvoor de werknemer die een ID-dienstbetrekking heeft met de in onderdeel d, ten eerste, genoemde werkgever gewoonlijk arbeid verricht.
-2. Onder een ID-dienstbetrekking wordt mede verstaan het, op grond van een ID-dienstbetrekking met een werkgever als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, ten eerste, gewoonlijk verrichten van arbeid bij een werkgever als bedoeld in het eerste lid, onderdeel d, ten tweede.
-3. In deze regeling wordt verstaan onder loon hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 9 van het Besluit in- en doorstroombanen, zoals dat luidde op 31 december 2003.

1. Volgens de redactie dient na "vierde of vijfde lid van" te worden ingevoegd: artikel 1 van.

 

Art. 2. Subsidie aan werkgever
-1. De minister verstrekt op aanvraag een subsidie aan een werkgever die een werknemer die vóór 21 februari 2003 werkzaam was in een ID-dienstbetrekking, in dienst neemt op basis van een reguliere dienstbetrekking voor onbepaalde tijd, tenzij de ingangsdatum van de reguliere dienstbetrekking ligt vóór 1 januari 2003.
-2. Geen subsidie wordt verstrekt wanneer de werkgever een natuurlijke persoon of rechtspersoon is die in het kader van de uitoefening van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in het arbeidsproces bevordert.
-3. Voorts wordt met ingang van 1 januari 2004 geen subsidie verstrekt aan een werkgever die vóór 1 januari 2004 een ID-dienstbetrekking heeft omgezet in een reguliere dienstbetrekking, tenzij het een reguliere dienstbetrekking betreft met de eigen werknemer die vóór 21 februari 2003 werkzaam was in een ID-dienstbetrekking.

 

Art. 3. Subsidieplafond
-1. Voor de verstrekking van de subsidies, bedoeld in artikel 2, eerste lid, is in totaal €|170 000 000,00 beschikbaar.
-2.
Voor de bepaling van het bereiken van het subsidieplafond, bedoeld in het eerste lid, worden de subsidieaanvragen behandeld in volgorde van ontvangst van de aanvragen. Indien de aanvrager in de gelegenheid wordt gesteld de onvolledige aanvraag aan te vullen, geldt voor de bepaling van het bereiken van het subsidieplafond als datum van ontvangst de datum waarop de aanvraag volledig is aangevuld.

 

Art. 4. Subsidieaanvraag
-1. De minister ontvangt uiterlijk 30 juni 2004 de subsidieaanvraag. De werkgever maakt bij de aanvraag gebruik van het formulier dat is ingericht overeenkomstig het model van bijlage 1 van deze regeling.
-2. In de subsidieaanvraag vermeldt de werkgever in ieder geval:
a. tot welke sector, zorg, jeugdhulpverlening, welzijn, onderwijs, kinderopvang, openbare veiligheid, beheer openbare ruimte, cultuur, sport of overige, de werkgever die de aanvraag indient, gerekend wordt, dan wel indien de werkgever een gemeente is, de sector waartoe de in een reguliere dienstbetrekking voor onbepaalde tijd om te zetten ID-dienstbetrekking gerekend wordt; en
b. de naam en de geboortedatum van de werknemer, het loon en de arbeidsduur per week van de ID-dienstbetrekking en het loon en de arbeidsduur per week van de overeen te komen of gekomen reguliere dienstbetrekking.
-3.
In de subsidieaanvraag verklaart de werkgever in ieder geval:
a. dat hij met een werknemer die werkzaam is in een ID-dienstbetrekking een reguliere dienstbetrekking voor onbepaalde tijd is aangegaan of zal aangaan, zonder daarbij een proeftijd te bedingen, welke reguliere dienstbetrekking uiterlijk 20 weken na de datum van de beschikking tot subsidieverlening en niet later dan op 1 december 2004 is ingegaan of ingaat;
b. dat van de ingangsdatum van de reguliere dienstbetrekking mededeling wordt gedaan aan de gemeente indien die, op grond van artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstand, een voorziening verstrekt voor de ID-dienstbetrekking waarin de werknemer werkzaam is opdat die voorziening door de betreffende gemeente wordt beëindigd uiterlijk de datum waarop de reguliere dienstbetrekking ingaat;
c. dat het loon van de werknemer door de omzetting van de ID-dienstbetrekking in een reguliere dienstbetrekking niet vermindert;
d. dat hij geen natuurlijke persoon of rechtspersoon is die in het kader van de uitoefening van beroep of bedrijf de inschakeling van personen in het arbeidsproces bevordert;
e. dat aan alle in deze regeling opgenomen en in de beschikking tot subsidieverlening op te nemen voorwaarden en verplichtingen zal worden voldaan.¹

1. Volgens de redactie dient ingevolge artikel I, onderdeel D, onder 6, van Regeling van de Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 5 februari 2004, nr. ABG/GA/2004/2684, tot wijziging van de Tijdelijke stimuleringsregeling regulier maken 10.000 ID-banen en de Tijdelijke aanvullende stimuleringsregeling regulier maken 10.000 ID-banen in verband met de verlenging van de termijn waarop aanvragen voor subsidie kunnen worden ingediend (Stcrt. 2004, 30), aan artikel 4 een lid te worden toegevoegd, luidende:
-4. De termijn van 20 weken alsmede de datum van 1 december 2004, bedoeld in het derde lid, onderdeel a, is ook van toepassing op aanvragen die vóór 1 januari 2004 door de minister zijn ontvangen en waarop door de minister op grond van artikel 5, eerste lid, nog niet is beslist.

 

Art. 5. Subsidieverlening
Op de aanvraag voor subsidieverlening wordt binnen acht weken na ontvangst van de aanvraag beslist.

 

Art. 6. Voorwaarde: in te dienen documenten
-1. De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat de minister van de werkgever binnen 20 weken na de datum van de beschikking tot subsidieverlening, doch uiterlijk 31 januari 2005, de volgende documenten heeft ontvangen:
a. een kopie van de voor de reguliere dienstbetrekking gesloten schriftelijke arbeidsovereenkomst of het op de reguliere dienstbetrekking betrekking hebbende aanstellingsbesluit als bedoeld in artikel 4, derde lid, onderdeel a, in welke documenten in ieder geval zijn opgenomen de arbeidsduur per week, de ingangsdatum van de dienstbetrekking, het loon, de naam van de werkgever en de naam en geboortedatum van de werknemer;
b. indien de arbeidsduur per week van de om te zetten ID-dienstbetrekking hoger is dan de arbeidsduur per week van de reguliere dienstbetrekking: een kopie van de voor de ID-dienstbetrekking gesloten schriftelijke arbeidsovereenkomst of het op de ID-dienstbetrekking betrekking hebbende aanstellingsbesluit, waarin het loon is vermeld;
c.
een door middel van het formulier, dat is ingericht overeenkomstig het model van bijlage 2 van deze regeling, opgestelde verklaring van burgemeester en wethouders dat indien op grond van artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstand aan de in artikel 1, eerste lid, onderdeel d, ten eerste, bedoelde werkgever een voorziening wordt verleend, deze is beëindigd met ingang van de datum waarop de reguliere dienstbetrekking voor onbepaalde tijd tussen de werkgever en de werknemer is ingegaan of zal ingaan, onder vermelding van de naam en de geboortedatum van de werknemer, de sector waartoe de werkgever dan wel de ID-dienstbetrekking overeenkomstig artikel 4, tweede lid, onderdeel a, gerekend wordt en de arbeidsduur per week van de ID-dienstbetrekking;
d. een begeleidingsformulier dat is ingericht overeenkomstig het model van bijlage 3 van deze regeling.
-2.
Indien de beschikking tot subsidieverlening is gedateerd na 12 november 2004, geldt, in afwijking van het eerste lid, dat de minister van de werkgever de in het eerste lid genoemde documenten uiterlijk 31 januari 2005 heeft ontvangen. Bij toepassing van de vorige volzin gaat de reguliere dienstbetrekking uiterlijk vier weken na de datum van de beschikking tot subsidieverlening in.

 

Art. 7. Hoogte subsidie, tijdvak en betaling
-1. De subsidie bedraagt maximaal €|17 000,00 voor een reguliere dienstbetrekking met een arbeidsduur van 32 uren of meer per week en wordt verleend voor een tijdvak van twee jaren.
-2. De subsidie wordt naar rato van 32 uren verminderd wanneer de arbeidsduur minder dan 32 uren per week bedraagt.
-3. De subsidie wordt bij wijze van voorschot betaalbaar gesteld.
-4. Het eerste voorschot van maximaal €|10 500,00 wordt betaalbaar gesteld binnen zes weken na ontvangst van de in artikel 6 genoemde documenten.
-5. Het tweede voorschot van maximaal €|6500,00 wordt betaalbaar gesteld binnen zes weken na ontvangst van de in artikel 9 genoemde rapportage.

 

Art. 8. Beëindiging dienstbetrekking
-1. Indien gedurende het tijdvak van twee jaren waarin de in artikel 2, eerste lid, bedoelde subsidie wordt verstrekt de reguliere dienstbetrekking wordt beëindigd, doet de werkgever hiervan zo spoedig mogelijk mededeling aan de minister door middel van het overleggen van een document waaruit blijkt dat de reguliere dienstbetrekking is beëindigd.
-2. De subsidieverlening wordt in de situatie, bedoeld in het eerste lid, verlaagd in evenredigheid met het aantal dagen van het subsidieverleningstijdvak waarin de dienstbetrekking niet meer wordt vervuld, tenzij de werkgever binnen twaalf weken na de beëindiging van de reguliere dienstbetrekking ter invulling van de vrijgevallen functie in overleg met de gemeente een nieuwe dienstbetrekking aangaat met:
a. een persoon aan wie een voorziening is aangeboden als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstand; dan wel
b. een werkloze werkzoekende.
-3. De werkgever overlegt, indien hij ter invulling van de vrijgevallen functie een nieuwe dienstbetrekking aangaat, aan de minister:
a. een kopie van de voor de reguliere dienstbetrekking gesloten schriftelijke arbeidsovereenkomst of het op de reguliere dienstbetrekking betrekking hebbende aanstellingsbesluit als bedoeld in artikel 4, derde lid, onderdeel a, welke overeenkomst of besluit voldoet aan de in artikel 6, eerste lid, onderdeel a, genoemde criteria;
b. een verklaring van burgemeester en wethouders, door middel van een formulier dat is ingericht overeenkomstig het model van bijlage 4 bij deze regeling, waarin wordt bevestigd dat de werknemer voldoet aan de in het tweede lid gestelde criteria.
-4. Wanneer de invulling van de vrijgevallen functie, bedoeld in het tweede lid, plaatsvindt in het eerste jaar van het subsidieverleningstijdvak, worden de in het derde lid genoemde documenten door de minister uiterlijk tegelijkertijd met de rapportage, bedoeld in artikel 9, ontvangen. Wanneer de invulling van de vrijgevallen functie, bedoeld in het tweede lid, plaatsvindt in het tweede jaar van het subsidieverleningstijdvak, worden de in het derde lid genoemde documenten door de minister uiterlijk tegelijkertijd met de aanvraag tot vaststelling van de subsidie, bedoeld in artikel 12, ontvangen.

 

Art. 9. Rapportageformulier
De minister ontvangt binnen acht weken na afloop van één jaar na de datum van de beschikking tot subsidieverlening een rapportage over dat tijdvak. De werkgever maakt bij deze rapportage gebruik van het formulier dat is ingericht overeenkomstig het als bijlage 5 bij deze regeling opgenomen model.

 

Art. 10. Andere subsidies
-1. De werkgever ontvangt voor de betreffende werknemer of de reguliere dienstbetrekking gedurende het subsidieverleningstijdvak geen voorzieningen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, onderdeel a, van de Wet werk en bijstand.
-2. In afwijking van het eerste lid en artikel 1, eerste lid, onderdeel c, mag de werkgever een eenmalige gemeentelijke subsidie ontvangen wanneer deze subsidie is verleend in aanvulling op de op basis van deze regeling verstrekte subsidie. Bij toepassing van dit lid door de gemeente wordt hiervan mededeling gedaan in de in bijlage 2 genoemde verklaring van burgemeester en wethouders.

 

Art. 11. Overige verplichtingen
-1. De werkgever doet gedurende het subsidieverleningstijdvak onverwijld mededeling aan de minister van wijzigingen in de bij de subsidieaanvraag verstrekte gegevens en overlegt op verzoek van de minister de daarop betrekking hebbende bescheiden. De verplichting van de eerste volzin geldt niet voor loonsverhogingen.
-2. De werkgever verstrekt desgevraagd aan de minister kosteloos alle inlichtingen die hij voor het toezicht, de evaluatie, informatievoorziening en beleidsvorming met betrekking tot deze regeling nodig heeft en verleent kosteloos inzage in de administratie inzake van belang zijnde bescheiden.
-3. De werkgever richt de administratie voor de uitvoering van deze regeling zodanig in dat alle van belang zijnde vastleggingen en bewijsstukken ten behoeve van het controle-, besluitvormings- en verantwoordingsproces zichtbaar, ordelijk en controleerbaar zijn vastgelegd. De werkgever bewaart de op de subsidieverstrekking betrekking hebbende administratie tot twee jaren na de datum van de beschikking tot subsidievaststelling.

 

Art. 12. Subsidievaststelling
-1. De aanvraag tot vaststelling van de subsidie wordt binnen acht weken na afloop van het tijdvak waarover de subsidie is verleend, ontvangen door de minister. De werkgever maakt bij de aanvraag tot vaststelling van de subsidie gebruik van het formulier dat is ingericht overeenkomstig het model van bijlage 7 van deze regeling.
-2. De minister stelt de subsidie vast binnen één jaar na ontvangst van de aanvraag tot vaststelling van de subsidie.
-3. Indien de aanvraag tot vaststelling van de subsidie niet of niet tijdig is ontvangen, stelt de minister de subsidie ambtshalve vast.

 

Art. 13. Toezicht
-1. Met het toezicht op de naleving van deze regeling zijn belast de daartoe bij besluit van de minister aangewezen ambtenaren van het Agentschap SZW en de Accountantsdienst, beide onderdeel van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.
-2. De werkgever verleent aan de toezichthouders alle medewerking die dezen redelijkerwijs kunnen vorderen bij de uitoefening van hun bevoegdheden.

 

Art. 14. Algemene Regeling SZW-subsidies
De Algemene Regeling SZW-subsidies is niet van toepassing.

 

Art. 15. Inwerkingtreding
-1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 maart 2003 en vervalt met ingang van 1 juli 2006.
-2. De regeling blijft van toepassing op de financiële afwikkeling van de op basis van deze regeling verstrekte subsidies.

 

Art. 16. Citeertitel
Deze regeling wordt aangehaald als: Tijdelijke stimuleringsregeling regulier maken 10i000 ID-banen.

 

 

     Deze regeling zal met de toelichting en bijlage 1 in de Staatscourant worden geplaatst. De bijlagen 2 tot en met 7 worden met ingang van 1 maart 2003 ter inzage gelegd in de bibliotheek van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid te Den Haag.¹

1. De bijlagen 1 tot en met 7 liggen met ingang van 1 maart 2004 ter inzage in de bibliotheek van het ministerie van SZW (Stcrt. 2004, 30), red.

 

’s-Gravenhage, 14 februari 2003.
De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M. Rutte
.

 

 

 

TOELICHTING
[14 februari 2003]

 

Algemeen

 

Inleiding


     In het tripartiete overleg met sociale partners in de Stichting van de Arbeid op 28 november 2002 is afgesproken dat het kabinet een tijdelijke basisregeling voor het regulier maken van 10 000 instroom- en doorstroombanen (ID-banen, in de regeling aangeduid als ID-dienstbetrekkingen) zal ontwikkelen. Met deze regeling wordt de doorstroom van werknemers in ID-dienstbetrekkingen naar reguliere arbeidsplaatsen gestimuleerd. Het doel van deze stimuleringsregeling is het behoud van vitale ID-banen in maatschappelijke sectoren en werkgelegenheid voor ID-werknemers. De regeling wordt uitgevoerd door het Agentschap van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. In de brief aan de Tweede Kamer van 4 december 2002 is de Tweede Kamer geïnformeerd over de te ontwikkelen regeling (Kamerstukken II 2002-2003, 28 600 XV, nr. 27). In het Convenant Gesubsidieerde Arbeid 2003 van 20 december 2002 (ook op die datum verzonden aan de Tweede Kamer) zijn het kabinet, de sociale partners en de VNG [Vereniging van Nederlandse Gemeenten, red.] tot een nadere uitwerking van deze regeling gekomen. In het Convenant Gesubsidieerde Arbeid 2003 is tevens aangegeven dat extra geld beschikbaar is voor de sectoren onderwijs, zorg, welzijn, sport, kinderopvang en veiligheid om aanvullende afspraken te maken over het regulier maken van de huidige ID-banen en het bevorderen van doorstroom van ID-werknemers naar reguliere functies. Voor deze sectoren kan aangesloten worden bij deze regeling door eveneens subsidies te verstrekken die als doel hebben het omzetten van ID-dienstbetrekkingen in reguliere dienstbetrekkingen te stimuleren. De departementen zullen, indien zij een aanvulling gaan geven op de op grond van deze regeling verstrekte stimuleringssubsidie, daartoe zelf een regeling opstellen.

 

Omzetten in een reguliere baan en verdringing


     De stimuleringsregeling is bedoeld om een huidige ID-dienstbetrekking met een ID-werknemer om te zetten in een reguliere baan met dezelfde werknemer. De functie-inhoud van de regulier gemaakte baan is gelijk aan of vergelijkbaar met de functie-inhoud van de voormalige ID-dienstbetrekking, zodat de reguliere functie passend is voor de werknemer die de functie vervult. Er mag geen sprake zijn van verdringing bij het regulier maken van een ID-baan (artikelen 4, derde lid, onderdeel c, en 9, tweede lid). Dat wil zeggen dat door het regulier maken van de ID-dienstbetrekking onder geen enkele voorwaarde een andere binnen de organisatie bestaande baan geheel of gedeeltelijk mag komen te vervallen.

 

Hoogte en spreiding van het subsidiebedrag


     Per regulier gemaakte ID-baan van ten minste 32 uur per week ontvangt de werkgever in totaal een subsidie van €|17 000,-. Indien het een baan van minder dan 32 uur betreft, ontvangt de werkgever een subsidiebedrag naar rato, waarbij 32 uur als basis geldt. De subsidie zal over twee jaar worden gespreid: de werkgever ontvangt in het eerste jaar maximaal €|10 500,- en in het tweede jaar maximaal €|6500,-. Door de spreiding over twee jaar wordt de overgang naar een volledige ongesubsidieerde baan makkelijker voor de werkgever vanwege de hierdoor geleidelijk oplopende loonkosten.

 

Aantal regulier te maken dienstbetrekkingen via de subsidieregeling en verdeling


     Met de basisregeling kunnen ten minste 10 000 ID-dienstbetrekkingen regulier gemaakt worden. De verlening van de subsidie gaat in volgorde van ontvangst van de aanvragen. Om een goede verdeling van de subsidie uit de stimuleringsregeling over sectoren mogelijk te maken, worden de middelen in eerste instantie proportioneel voor de sectoren gereserveerd. Daarmee wordt een evenredig gebruik van de stimuleringsregeling door de sectoren mogelijk gemaakt.
     De verdeling over sectoren wordt in de onderstaande tabel weergegeven.

xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx Gereserveerdevmiddelen
(x €|1000)
Banen per sector
Zorg en Jeugdhulpverlening 143 962 12 586
Welzijn 115 419 1x|907
Onderwijs 132 810 11 930
Kinderopvang 112 240 1x|720
Openbare veiligheid 130 770 11 810
Beheer openbare ruimte 117 663 11 039
Overig 117 136 11 008
Totaal 170 000 10 000

 
     De sectorale verdeling geldt tot 1 juli 2003. Op 1 juli 2003 wordt de benutting van de regeling per sector bezien. De sectoren die de voor hen gereserveerde subsidiegelden dan volledig hebben benut, kunnen dan ook gebruik maken van de mogelijk nog resterende middelen van andere sectoren. Onderbenutting in een bepaalde sector valt dus per 1 juli 2003 vrij voor alle sectoren en toewijzing geschiedt wederom in volgorde van ontvangst van de aanvragen. Dit betekent dat de aanvragen die vóór 1 juli 2003 worden ontvangen maar niet toegekend kunnen worden omdat de voor de betreffende sector beschikbare middelen reeds zijn benut, worden aangehouden tot 1 juli 2003. Dan zal bezien worden of deze aanvragen alsnog uit eventueel van andere sectoren resterende middelen toegekend kunnen worden. Ook na 1 juli 2003 kunnen werkgevers aanvragen indienen als er dan nog middelen beschikbaar zijn. Voorwaarde voor subsidietoekenning is dat de aanvraag uiterlijk 31 december 2003 wordt ontvangen en dat de baan binnen zes weken na de datum van de subsidieverleningsbeschikking, doch uiterlijk 31 december 2003, regulier gemaakt wordt.

 

Rol werkgever en gemeente


     Werkgevers vragen zelf subsidie aan door een aanvraagformulier op te sturen naar het Agentschap SZW. Het Agentschap SZW, de uitvoeringsorganisatie, behandelt en verwerkt de aanvragen. Als de aanvraag aan alle in de regeling opgenomen vereisten voldoet, maakt het Agentschap SZW de subsidie over op de betaalrekening van de betreffende werkgever.
     De gemeente speelt bij de uitvoering van de Tijdelijke stimuleringsregeling regulier maken 10 000 ID-banen (stimuleringsregeling) een belangrijke rol. Aanvraagpakketten voor de stimuleringsregeling worden door de gemeenten (of de uitvoeringsorganisaties van de gemeenten) verspreid onder alle ID-werkgevers. Gemeenten kunnen daarnaast werkgevers nader informeren over de regeling en ze stimuleren van de regeling gebruik te maken. Ook geeft de gemeente verklaringen af die de werkgever nodig heeft om voor de subsidie in aanmerking te komen (zie artikel 6). Vroegtijdig contact tussen de werkgever en de gemeente is dus belangrijk om de subsidieprocedure van de stimuleringsregeling vlot te kunnen doorlopen. Hulp en ondersteuning bij het invullen en indienen van het aanvraagformulier wordt ook geboden door een speciale helpdesk van het Agentschap SZW.

 

Opschorten voorschotten, intrekking en wijziging verlening en lagere vaststelling subsidie


     De stimuleringssubsidie wordt bij wijze van voorschot in twee termijnen betaalbaar gesteld. De betaling van deze voorschotten kan worden opgeschort wanneer de werkgever niet aan de in de regeling en de subsidiebeschikking opgenomen voorwaarden en verplichtingen voldoet, onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt of activiteiten waarvoor de subsidie is verleend niet of niet geheel hebben plaatsgevonden (artikelen 4:48 en 4:46 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)). De opschorting van de betalingen wordt binnen dertien weken opgeheven, tenzij overgegaan wordt tot intrekking of wijziging van de subsidieverleningsbeschikking. Verder kan de subsidie lager worden vastgesteld dan is verleend indien blijkt dat zich één of meerdere van de in artikel 4:46, tweede lid, van de Awb genoemde situaties heeft voorgedaan.

 

 

Artikelsgewijs

 

Artikel 1

     De in onderdeel d opgenomen definitie van het begrip werkgever omvat zowel de formele werkgever (degene met wie de ID-werknemer een dienstbetrekking is aangegaan) (onderdeel d, ten eerste) als de materiële werkgever (onderdeel d, ten tweede). Met deze laatste werkgever wordt de werkgever bedoeld waarvoor de ID-werknemer werkzaamheden verricht op basis van een detacheringsovereenkomst; deze werknemer is dus officieel in dienst bij een formele werkgever. Nu het detacheringsverbod voor ID-dienstbetrekkingen (tot die tijd vervat in artikel 6, tweede lid, onderdeel d en e, van het Besluit in- en doorstroombanen) per 1 januari 2003 is vervallen, wordt ook de materiële werkgever in de gelegenheid gesteld met de ID-werknemer een dienstbetrekking voor onbepaalde tijd aan te gaan en daarvoor de stimuleringssubsidie van deze regeling te ontvangen. Wanneer in de regeling dus de term "de werkgever" wordt gebruikt, heeft deze betrekking op zowel de formele als de materiële werkgever, al naargelang het de formele dan wel de materiële werkgever is die een aanvraag indient. Aangezien er geen sprake kan zijn van een ID-dienstbetrekking, zoals gedefinieerd in onderdeel b, tussen de materiële werkgever en de ID-werknemer, is in het tweede lid bepaald dat onder een ID-dienstbetrekking ook moet worden verstaan het gewoonlijk verrichten van arbeid bij een materiële werkgever.
     Het spreekt voor zich dat wanneer deze een reguliere dienstbetrekking wil aangaan met een "ingeleende" ID-werknemer, de materiële werkgever in overleg zal dienen te treden met de formele werkgever en dat de wettelijke opzegtermijnen in acht dienen te worden genomen.
     Met de woorden "gewoonlijk arbeid verricht" in onderdeel d, ten eerste, wordt uitgesloten dat een formele werkgever die de werknemer voornamelijk arbeid laat verrichten bij één of meerdere materiële werkgevers in aanmerking komt voor de stimuleringssubsidie.

 

Artikel 2

     In dit artikel wordt de activiteit beschreven waarvoor een stimuleringssubsidie kan worden aangevraagd: het omzetten van een ID-dienstbetrekking in een reguliere dienstbetrekking. Uit het gebruik van het woord "omzetten" vloeit voort dat er sprake dient te zijn van een werkgever die met een werknemer, die reeds bij deze werkgever werkzaam was in een ID-dienstbetrekking, een reguliere dienstbetrekking aangaat. De werkzaamheden van de werknemer dienen gelijk aan of vergelijkbaar met de functie-inhoud van de voormalige ID-dienstbetrekking te zijn. Op grond van deze regeling kan alleen subsidie worden aangevraagd wanneer de om te zetten ID-baan is ingegaan voordat deze regeling gepubliceerd is, zo is in het tweede lid bepaald.
     Aangezien in het Convenant Gesubsidieerde Arbeid 2003 overeen is gekomen dat de regeling terug dient te werken tot 1 januari 2003, is in het derde lid bepaald dat subsidie kan worden aangevraagd voor reguliere dienstbetrekkingen die vanaf die datum zijn ingegaan. Wel dient vanzelfsprekend ook in die gevallen aan alle in deze regeling opgenomen voorwaarden en verplichtingen te zijn en worden voldaan.

 

Artikelen 3, 4 en 5

     Voor de verstrekking van stimuleringssubsidies is een bedrag van €|170 mln beschikbaar. Dit bedrag wordt over de sectoren zorg en jeugdhulpverlening, welzijn, onderwijs, kinderopvang, openbare veiligheid, beheer openbare ruimte en overig (onderverdeeld in cultuur, sport en overig) verdeeld. De daartoe in artikel 3, tweede lid, genoemde bedragen zijn overeengekomen in het Convenant Gesubsidieerde Arbeid 2003.
     Bij de bepaling welke sector in het aanvraagformulier moet worden vermeld, dient de werkgever de sector op te geven waartoe de werkgever zelf gerekend moet worden. Op deze regel wordt een uitzondering gemaakt voor de gemeenten: deze dienen de sector op te geven waartoe het betreffende dienstonderdeel waarvoor de ID-werknemer werkzaam is (en zal zijn in zijn reguliere dienstbetrekking), gerekend moet worden. De reden voor dit onderscheid is dat de gemeente als werkgever tot de sector "overig" gerekend moet worden. Het is echter niet de bedoeling geweest bij het sluiten van het Convenant Gesubsidieerde Arbeid 2003 dat alle van gemeentelijke werkgevers afkomstige aanvragen uit het voor de sector "overig" beschikbare budget worden betaald. Beoogd werd juist bijvoorbeeld subsidieaanvragen voor het regulier maken van de dienstbetrekkingen van stadswachten te laten vallen onder de sector "openbare veiligheid". Door bij de gemeenten de toepasselijke sector vast te stellen door naar het dienstonderdeel te kijken waarvoor de werknemer werkzaam is, wordt de sectorale indeling bij aanvragen van de gemeenten in lijn gebracht met de strekking van het convenant.
     De sectorale verdeling van artikel 3 geldt voor subsidieaanvragen die vóór 1 juli 2003 zijn ontvangen. Na die datum wordt de sectorale verdeling van het budget losgelaten. Het dan nog resterende deel van het budget wordt in eerste instantie verdeeld over de aanvragen die zijn ontvangen vóór 1 juli 2003 en die zijn aangehouden omdat het beschikbare budget voor de betreffende sector al volledig benut was. Ook na 1 juli 2003 kunnen aanvragen worden ingediend, mits deze uiterlijk 31 december 2003 zijn ontvangen en de ID-dienstbetrekking binnen zes weken na de dagtekening van de beschikking tot subsidieverlening, doch uiterlijk 31 december 2003, is omgezet in een reguliere dienstbetrekking.
     De subsidieaanvraag wordt ingediend door middel van een formulier (zie bijlage 1). Dit formulier is verkrijgbaar bij het Agentschap van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid en de gemeenten. De betrokken gemeente kan de werkgever ondersteunen bij het invullen van het aanvraagformulier.
     Daarnaast wordt de werkgever aangeraden tijdig contact op te nemen met de gemeente, omdat deze kort na de subsidieverlening een verklaring af zal moeten geven dat de voor de betreffende ID-dienstbetrekking aan de formele werkgever verleende subsidie is stopgezet.
     De - eventueel met toepassing van de artikelen 3:18 en 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht aangevulde - subsidieaanvragen die aan alle in de regeling opgenomen eisen voldoen, worden toegekend in volgorde van ontvangst. Dit betekent dat hoe later de aanvraag wordt ontvangen, hoe groter de kans is dat het subsidieplafond is bereikt en de aanvraag wordt afgewezen.
     Als ontvangstdatum geldt de datum waarop het aanvraagformulier met daarop de originele handtekening(en) door het Agentschap is ontvangen. Dit betekent dat aanvraagformulieren niet per fax of e-mail kunnen worden ingediend.

 

Artikel 6

     De subsidieaanvraag bestaat, zoals beschreven in artikel 4, uit de indiening van een ondertekend formulier waarop de werkgever een aantal zaken vermeldt en verklaart. Nadat de subsidieaanvraag is toegekend, wordt van een aantal van die verklaringen een bewijsstuk verlangd. De werkgever dient binnen zes weken na de datum van de subsidieverleningsbeschikking een kopie van de arbeidsovereenkomst of het aanstellingsbesluit in om aan te tonen dat de ID-dienstbetrekking daadwerkelijk is omgezet in een reguliere dienstbetrekking voor onbepaalde tijd, zonder proeftijd. Het aanstellingsbesluit of de arbeidsovereenkomst bevat in ieder geval een aanduiding van het aantal arbeidsuren per week, de ingangsdatum van de reguliere dienstbetrekking en de naam van de werkgever en de werknemer.
     Verder verstrekt de werkgever een door de gemeente afgegeven verklaring, zoals beschreven in onderdeel b van artikel 6, eerste lid, waarin de gemeente verklaart dat de ID-subsidie aan de formele werkgever is stopgezet. De stimuleringssubsidie is bedoeld als stimulans voor het omzetten van ID-dienstbetrekkingen in reguliere dienstbetrekkingen of banen. Hieruit volgt logischerwijs dat de door de gemeente verstrekte ID-subsidie moet worden stopgezet wanneer de ID-dienstbetrekking regulier is gemaakt. Wanneer het een materiële werkgever betreft die de stimuleringssubsidie ontvangt, betekent dit dat de aan de formele werkgever verstrekte ID-subsidie wordt stopgezet. De gemeente dient verder onder andere aan te geven tot welke van de in artikel 4, tweede lid, onderdeel a, genoemde sectoren de door de werkgever in een reguliere dienstbetrekking omgezette ID-baan gerekend dient te worden. In de toelichting bij de artikelen 3, 4 en 5 is aangegeven hoe vastgesteld wordt welke sector opgegeven dient te worden. Wanneer de werkgever de termijn van zes weken laat verstrijken, zonder de gevraagde documenten in te dienen, vervalt zijn aanspraak op de stimuleringssubsidie.
     De verklaring van artikel 4, derde lid, onderdeel b, dat de voormalig ID-werknemer geen werkzaamheden worden opgedragen waardoor andere dienstbetrekkingen geheel of gedeeltelijk komen te vervallen (verdringing), wordt onderbouwd door een verklaring van een door de werkgever ingesteld medezeggenschapsorgaan dat er geen verdringing heeft plaatsgevonden. Na afloop van het eerste jaar van de subsidieverlening moet deze verklaring worden overlegd (zie artikel 9, tweede lid), maar de werkgever kan ervoor kiezen om deze verklaring op een eerder tijdstip over te leggen, bijvoorbeeld tegelijkertijd met de in dit artikel genoemde documenten.

 

Artikel 7

     De werkgever ontvangt een subsidie van maximaal €|17 000,-, uitbetaald in twee termijnen over een periode van twee jaren, gerekend vanaf de datum van de beschikking tot subsidieverlening. Wanneer de dienstbetrekking een arbeidsduur van minder dan 32 uren per week omvat, wordt de hoogte van de subsidie evenredig verlaagd. Bij de aanvang van de subsidieverlening wordt het maximumsubsidiebedrag bepaald op basis van het aantal arbeidsuren dat is opgegeven in de aanvraag (en de reeds gesloten of nog te sluiten arbeidsovereenkomst voor de reguliere dienstbetrekking, dan wel het daarop betrekking hebbende aanstellingsbesluit). Wanneer gedurende het subsidieverleningstijdvak een langere arbeidsduur overeen wordt gekomen, bijvoorbeeld een uitbreiding van 20 naar 32 arbeidsuren per week, kan de werkgever geen aanspraak maken op een subsidie voor een reguliere dienstbetrekking van 32 uren per week; de subsidie wordt niet verhoogd. Een afname van het aantal arbeidsuren per week leidt wel tot een verlaging van het subsidiebedrag.

 

Artikel 8

     Dit artikel bevat een regeling voor de situatie waarin gedurende de twee jaren waarvoor de subsidie is verleend de dienstbetrekking wordt beëindigd. De werkgever is verplicht het Agentschap SZW hiervan tijdig op de hoogte te stellen door bijvoorbeeld een kopie van de aan de werknemer gerichte brief op te sturen waarin de opzegging van de dienstbetrekking wordt aanvaard dan wel het ontslag wordt meegedeeld of de beëindiging van de aanstelling wordt meegedeeld. Vanaf de datum waarop de beëindiging van de dienstbetrekking ingaat, heeft de werkgever geen recht meer op de subsidie en wordt deze stopgezet.
     De werkgever kan de subsidie echter behouden wanneer hij ter invulling van de ontstane vacature binnen twaalf weken een dienstbetrekking aangaat met iemand anders die voldoet aan de in het tweede lid, onderdeel a en b, geformuleerde criteria. Hij dient daarbij in overleg te treden met de gemeente; deze zal immers een verklaring af moeten geven dat de nieuwe werknemer aan de criteria voldoet. Daarnaast kan de gemeente een rol spelen in het voordragen van geschikte kandidaten voor de functie.
     De werkgever heeft enige vrijheid bij het bepalen van het moment waarop hij de kopie van de arbeidsovereenkomst of het aanstellingsbesluit en de verklaring van de gemeente overlegt: meteen na het in dienst nemen van de nieuwe werknemer of (in het eerste subsidiejaar) bij het indienen van het rapportageformulier, respectievelijk (in het tweede subsidiejaar) de aanvraag tot vaststelling van de subsidie.

 

Artikel 9

     De tussentijdse rapportage wordt binnen acht weken na afloop van het eerste subsidiejaar door de werkgever ingediend bij het Agentschap SZW. Het formulier (zie bijlage 5) dat daarvoor wordt gebruikt, wordt door het Agentschap SZW aan de werkgever gezonden.
     Ter voorkoming van verdringing (verdringing wil zeggen dat de voormalig ID-werknemer werkzaamheden worden opgedragen waardoor andere reguliere dienstbetrekkingen geheel of gedeeltelijk komen te vervallen) wordt een verklaring (zie bijlage 6) van de ondernemingsraad (of een ander medezeggenschapsorgaan) gevraagd, tenzij een dergelijk orgaan niet is ingesteld. Met de verklaring van het medezeggenschapsorgaan wordt aangetoond dat met het omzetten van de ID-banen in een reguliere dienstbetrekking geen verdringing heeft plaatsgevonden. Deze verklaring kan door de werkgever uiterlijk tegelijkertijd met het rapportageformulier worden ingediend.

 

Artikel 10

     In dit artikel wordt bepaald dat de werkgever naast de stimuleringssubsidie voor de regulier gemaakte dienstbetrekking geen reïntegratiesubsidies op grond van de Wet inschakeling werkzoekenden of het Besluit in- en doorstroombanen voor die dienstbetrekking mag ontvangen. Het gaat immers om een reguliere baan en reïntegratiebudgetten van gemeenten zijn niet bedoeld voor mensen met een reguliere baan.
     Wel bestaat de mogelijkheid dat andere departementen aan zullen sluiten bij deze regeling met subsidies die eveneens als doel hebben het omzetten van ID-dienstbetrekkingen in reguliere dienstbetrekkingen te stimuleren. Deze subsidies mogen vanzelfsprekend wel worden gecombineerd met de stimuleringssubsidie. Zoals reeds in het algemene deel van deze toelichting is aangegeven, zullen de andere departementen, indien zij een aanvulling gaan geven op de op grond van deze regeling verstrekte stimuleringssubsidie, daartoe zelf een regeling opstellen.

 

Artikel 11

     In dit artikel wordt een aantal verplichtingen genoemd waaraan de werkgever zich heeft te houden gedurende het tijdvak van subsidieverlening.
     Het eerste lid ziet op wijzigingen in de bij de aanvraag verstrekte gegevens zoals een wijziging in de arbeidsduur. Dergelijke wijzigingen dienen doorgegeven te worden omdat zij van invloed kunnen zijn op de hoogte van de verstrekte subsidie. Een vermindering van het contractueel overeengekomen dan wel in het aanstellingsbesluit opgenomen aantal arbeidsuren per week leidt tot een evenredige vermindering van het subsidiebedrag. Een toename van het aantal arbeidsuren ten opzichte van het aantal arbeidsuren zoals overeengekomen in de arbeidsovereenkomst of het aanstellingsbesluit, dat binnen zes weken na de datum van de beschikking tot subsidieverlening aan het Agentschap SZW is gestuurd, leidt overigens niet tot een verhoging van het subsidiebedrag, omdat de subsidie voor een maximumbedrag wordt verleend (zie ook de toelichting bij artikel 7).
     Het derde lid bevat de verplichting om de op de subsidieverstrekking betrekking hebbende documenten te bewaren. Dit betekent ook dat een kopie van de arbeidsovereenkomst (of het besluit) dat ten grondslag lag aan de ID-dienstbetrekking bewaard moet worden.

 

Artikel 12

     Het formulier waarmee de aanvraag tot subsidievaststelling dient te worden ingediend (zie bijlage 7), wordt door het Agentschap SZW aan de werkgever verzonden.
     Wanneer blijkt dat de werkgever niet aan de aan de subsidieverlening verbonden voorwaarden en verplichtingen heeft voldaan, kan de verleende en betaalde subsidie op grond van de betreffende bepalingen in de Algemene wet bestuursrecht bij de vaststelling geheel of gedeeltelijk worden teruggevorderd, zoals in het algemeen deel van deze toelichting reeds is aangegeven.

 

Artikel 13

     Het Agentschap SZW en de Accountantsdienst SZW zijn belast met het toezicht. Het Agentschap is verantwoordelijk voor de inrichting en de uitvoering van het toezicht. Voor de uitoefening van het toezicht zal het Agentschap onderzoeken instellen bij werkgevers (die steekproefsgewijs of op basis van ontvangen signalen worden geselecteerd) om de getrouwheid en rechtmatigheid van de ingediende rapportage of aanvraag tot subsidievaststelling na te gaan. De uitkomsten van het onderzoek worden bij de vaststelling van de subsidie betrokken.
     De Accountantsdienst is verantwoordelijk voor het afgeven van de accountantsverklaring bij het jaarverslag van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De accountantsverklaring heeft betrekking op de getrouwheid en de rechtmatigheid. Om de rechtmatigheid van de uitgaven vast te kunnen stellen, kan de Accountantsdienst gebruik maken van de toezichtsresultaten van het Agentschap of besluiten zelf onderzoeken in te stellen bij de werkgevers.

 

Publicatie


     De bijlagen 2 tot en met 7 worden niet gepubliceerd in de Staatscourant, maar ter inzage gelegd bij het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Deze kunnen daar worden ingezien, maar informatie daarover kan ook worden ingewonnen bij het Agentschap SZW. De bijlagen worden in ieder geval toegezonden aan werkgevers waaraan een stimuleringssubsidie is verleend.

 

De Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
M. Rutte
.

 

 

 

BIJLAGE  1
[14 februari 2003, vervallen]

 

xxx

 xxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxxx

 
Aanvraagformulier stimuleringsregeling ID-banen

 

 
Met dit formulier kunt u een aanvraag indienen voor een subsidie op grond van de Tijdelijke stimuleringsregeling regulier maken 10 000 ID-banen. Lees voor het invullen van dit formulier eerst de invulinstructie uit het aanvraagpakket. In de bijgesloten brochure voor de werkgever treft u meer informatie over de regeling aan.

 

1. Gegevens werkgever

(Vul hieronder de gegevens in van de werkgever die een regulier arbeidscontract gaat afsluiten met een ID-werknemer)
Naam organisatie:  .......................................................................................
Adres:  ..........................................................................................................
Postcode:  ....................................................................................................
Bank- of gironummer:  .................................................................................
Naam contactpersoon:  ................................................................... m / v
(1)
Telefoonnummer contactpersoon:  ..............................................................
E-mailadres contactpersoon:  .......................................................................
CAO die voor betreffende functie geldt:  ......................................................
 
 
2. Sector

(De subsidies worden tot 1 juli 2003 proportioneel verdeeld over de verschillende arbeidssectoren. Kruis daarom hieronder de sector aan waar de betreffende functie onder valt) (2)
0  Zorg
0  Jeugdhulpverlening
0  Welzijn
0  Onderwijs
0  Kinderopvang
0  Openbare veiligheid
0  Beheer openbare ruimte
0  Cultuur
0  Sport
0  Overig, namelijk:  .....................................................................................
 
 
3. Gegevens werknemer

(Vul hieronder de gegevens in van de ID-werknemer met wie het reguliere arbeidscontract wordt afgesloten)
Naam (voorletters en achternaam):  .............................................................
Geslacht:  m / v
(1)
Geboortedatum:  .......... - ............. - .......... (dd-mm-jj)
Arbeidsduur ID-dienstbetrekking:  ....................... uur per week
(3)
Ingangsdatum ID-dienstbetrekking:  .......... - ............. - .......... (dd-mm-jj)
Arbeidsduur (toekomstige) reguliere dienstbetrekking  ...... uur per week
(3)
Ingangsdatum reguliere dienstbetrekking:  ...... - ........... - ...... (dd-mm-jj)
(4)
 
 
4. Ondertekening

(Om uw aanvraag in behandeling te kunnen nemen, dient u dit aanvraagformulier te ondertekenen)
Met de ondertekening van dit formulier verklaart u dat:
• u met bovengenoemde werknemer een reguliere dienstbetrekking voor onbepaalde tijd bent aangegaan op bovengenoemde datum of dit zult doen, uiterlijk zes weken na de datum van de beschikking tot subsidieverlening, maar niet later dan op 31 december 2003;
• deze reguliere dienstbetrekking geen proeftijd kent;
• deze reguliere dienstbetrekking ten minste dezelfde arbeidsduur per week beslaat als de om te zetten ID-dienstbetrekking
• de ID-werknemer bij u in dienst blijft / bij u, als zijnde zijn huidige materiële werkgever, in dienst zal treden (5);
• de reguliere dienstbetrekking onder de CAO valt die voor de betreffende functie geldt;
• door deze reguliere dienstbetrekking geen andere reguliere functie bij u geheel of gedeeltelijk komt te vervallen (geen verdringing);
• u na de ontvangst van de beschikking tot subsidieverlening op gezette tijden onderstaande documenten op zult sturen (zie invulinstructie en brochure voor werkgevers):
- een kopie van het arbeidscontract/aanstellingsbesluit,
- een verklaring van burgemeester en wethouders waaruit blijkt dat de ID-subsidie voor de betreffende dienstbetrekking is stopgezet op dezelfde datum als het reguliere contract ingaat en in welke sector de functie valt,
- een verklaring van de ondernemingsraad, personeelsvertegenwoordiging of medezeggenschapsorgaan, indien ingesteld, dat geen verdringing is opgetreden.

Met de ondertekening van dit formulier verklaart tevens dat:
• u dit aanvraagformulier volledig en naar waarheid hebt ingevuld;
• u aan alle voorwaarden en verplichtingen zult voldoen die zijn opgenomen in de regeling en/of worden opgenomen in de beschikking tot subsidieverlening

(Ondertekening door een functionaris die bevoegd is tot het indienen van een aanvraag)
Naam:  ..........................................................................................................
Functie:  .......................................................................................................
Plaats:  .........................................................................................................
Datum:  .........................................................................................................
 
Handtekening:  .............................................................................................
 
 
 
Stuur het ingevulde en ondertekende formulier naar het Agentschap SZW. Gebruik hiervoor de retourenveloppe uit het aanvraagpakket.
 
 
 
(In te vullen door het Agentschap SZW):

Registratienummer:

Datum binnenkomst:
 
 
 
(1) Omcirkel het antwoord dat van toepassing is.
(2) Kruis aan wat van toepassing is. Indien van toepassing wordt u automatisch op de hoogte gesteld van een eventueel aanvullende sectorale regeling die voortvloeit uit het Convenant Gesubsidieerde Arbeid 2003 (zie ook de brochure voor de werkgever uit het aanvraagpakket).
(3) Vul hier het gemiddeld aantal uren per week in.
(4) Deze regel hoeft u alleen in te vullen als de ingangsdatum bekend is.
(5) Haal door wat niet van toepassing is.
 

 

x

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Besluit ID-banen | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x