Geschiedenis van dit reglement:

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht t/m Betreft Bekendmaking regeling Bekendmaking inwerkingtreding
01-07-2016   Intrekking Stcrt. 2009, 18013 Stcrt. 2009, 18013
01-12-2009   Nieuwe regeling Stcrt. 2009, 18013 Stcrt. 2009, 18013

 

 

27 oktober 2009
Nr. IVV/I/2009/25962

     Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen;
     Gelet op artikel 17 van de Wet inkomensvoorziening oudere werklozen;

     Besluit:

 

 

Art. 1. Begrippen
In dit reglement wordt verstaan onder:
a. uitkering: uitkering in de zin van de IOW;
b. wijzigingsformulier: een door het UWV aan de aanvrager en de uitkeringsgerechtigde ter beschikking gesteld formulier waarop deze de wijziging van de voor de beoordeling van het recht op uitkering noodzakelijke gegevens vermeldt.

 

Art. 2. Aanvraag van uitkering
De aanvrager dient de aanvraag in op een daarvoor door het UWV beschikbaar gesteld formulier. Hij vult dit formulier volledig in en ondertekent dit.

 

Art. 3. Gegevensverstrekking aanvrager of uitkeringsgerechtigde
-1. De aanvrager of de uitkeringsgerechtigde doet op een ondertekend wijzigingsformulier zo spoedig mogelijk en uit eigen beweging opgave van de feiten en omstandigheden waarvan het hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op het recht op uitkering, de hoogte van de uitkering of het bedrag van de uitkering dat aan de uitkeringsgerechtigde wordt betaald.
-2. Het UWV kan de aanvrager of de uitkeringsgerechtigde verzoeken maandelijks een ingevuld en ondertekend wijzigingsformulier aan het UWV te sturen. De aanvrager of de uitkeringsgerechtigde stuurt dit wijzigingsformulier aan het UWV binnen een door het UWV aangegeven redelijke termijn. Gedurende de periode waarover de aanvrager of de uitkeringsgerechtigde deze wijzigingsformulieren invult, is hij ontheven van de verplichting, bedoeld in het eerste lid.

 

Art. 4. Overige controlevoorschriften
-1. De aanvrager of de uitkeringsgerechtigde:
a. maakt controle door een daartoe door het UWV gemachtigde persoon mogelijk;
b. neemt, indien hij niet bereikbaar is op zijn woon- of verblijfplaats, de aanwijzingen in acht die zijn achtergelaten door de in onderdeel a bedoelde persoon;
c. geeft van een wijziging in zijn woon- of verblijfplaats zo spoedig mogelijk kennis aan het UWV;
d. verleent op verzoek van het UWV inzage in en verstrekt tegen kostprijs informatie voor zover deze betekenis kan hebben voor het recht op uitkering, de hoogte van de uitkering of het bedrag van de uitkering dat aan de uitkeringsgerechtigde wordt betaald.
-2. De aanvrager of de uitkeringsgerechtigde bewaart de in het eerste lid, onderdeel d, bedoelde informatie tot het einde van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarop de informatie betrekking heeft.
-3. De uitkeringsgerechtigde is verplicht ten behoeve van de uitvoering van de IOW het bepaalde in artikel 12, tweede lid, onderdeel a, van de IOW, voor zover deze verplichting ziet op de naleving van de verplichting als bedoeld in artikel 12, tweede lid, onderdeel b, van de IOW, en het bepaalde in het eerste lid, onderdeel d, alsmede het bepaalde in het tweede lid ook na te komen als het recht op uitkering is geëindigd.

 

Art. 5. Melding van vakantie
-1. De aanvrager of de uitkeringsgerechtigde die voornemens is tijdens de duur van de uitkering met vakantie te gaan, doet vóór de aanvang van die vakantie op het wijzigingsformulier mededeling van de voorgenomen duur van de vakantie en van de periode waarin deze zal plaatsvinden.
-2. De aanvrager of de uitkeringsgerechtigde doet zo spoedig mogelijk op het wijzigingsformulier mededeling aan het UWV van wijziging van de eerder opgegeven duur van de vakantie.

 

Art. 6. Inwerkingtreding
-1. Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 december 2009, onder voorbehoud van goedkeuring door de Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid
-2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 juli 2016.

1. Goedkeuring is verleend bij Besluit van 18 november 2009, Stcrt. 2009, 18013, red.

 

Art. 7. Citeertitel
Dit besluit wordt aangehaald als: Uitkeringsreglement IOW 2009.

 

 

     Dit besluit wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.

 

Amsterdam, 27 oktober 2009.
De voorzitter Raad van bestuur UWV,
J.M. Linthorst
.

 

 

 

TOELICHTING
[27 oktober 2009]

 

Algemeen

 

     De IOW biedt personen inkomensondersteuning na afloop van een (loongerelateerde) uitkering op grond van de Werkloosheidswet (WW) of de Werkhervattingsregeling gedeeltelijk arbeidsgeschikten (WGA) [zie hoofdstuk 7 van de Wet WIA, red.] tot de leeftijd van 65 jaar in het geval zij bij aanvang van die uitkering 60 jaar of ouder waren.

     Het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV), dat de IOW uitvoert, is op grond van artikel 17 van de IOW verplicht een uitkeringsreglement vast te stellen. Volgens deze bepaling bevat het uitkeringsreglement voorschriften over:
- een doelmatige controle;
- het genieten van vakantie tijdens een periode waarover IOW-uitkering wordt ontvangen;
- andere voorwaarden die aan het ontvangen van uitkering zijn verbonden.

     Dit besluit bevat dit uitkeringsreglement. De bepalingen in dit reglement worden als volgt toegelicht.

 

 

Artikelsgewijs

 

Artikel 1. Begrippen

     In artikel 1 wordt een aantal in het uitkeringsreglement voorkomende begrippen gedefinieerd.

     De in de artikelen 2 tot en met 4 opgenomen bepalingen zijn aanvullend op de administratieve verplichtingen betreffende de informatieplicht, medewerking controle en procedurevoorschriften in artikel 12 IOW.

 

Artikel 2. Aanvraag van uitkering

     De aanvrager dient een aanvraag in voor een IOW-uitkering. Hij moet de aanvraag indienen op een speciaal door het UWV daarvoor beschikbaar gesteld formulier waarop de gewenste gegevens voor het beoordelen van het recht op uitkering moeten worden vermeld. Het UWV zendt dit formulier spontaan toe aan de aanvrager.

 

Artikel 3. Gegevensverstrekking aanvrager of uitkeringsgerechtigde

     Op het wijzigingsformulier geeft de uitkeringsgerechtigde alle wijzigingen op waarvan het hem redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat zij van invloed kunnen zijn op recht en hoogte van de IOW-uitkering. Het wijzigingsformulier moet de uitkeringsgerechtigde zo spoedig mogelijk insturen. Door het tijdig insturen van het wijzigingsformulier voldoet de uitkeringsgerechtigde aan zijn spontane mededelingsplicht.
     Er kan aanleiding zijn om de uitkeringsgerechtigde te verzoeken om tot nader order maandelijks een wijzigingsformulier te sturen. Hierbij moet vooral gedacht worden aan uitkeringsgerechtigden die tijdens een uitkeringsperiode wisselende inkomsten uit arbeid hebben. Als het UWV de uitkeringsgerechtigde om maandelijkse insturing van het wijzigingsformulier verzoekt, spreekt het UWV met hem af binnen welke termijn de wijzigingsformulieren steeds ingestuurd moeten worden. Als de uitkeringsgerechtigde ziek wordt, eindigt de periode waarover maandelijkse wijzigingsformulieren moeten worden ingestuurd niet automatisch. Deze eindigt pas als het UWV dit aangeeft. Door het binnen de door het UWV aangegeven termijn insturen van het maandelijks wijzigingsformulier voldoet de uitkeringsgerechtigde aan zijn verplichting om op verzoek bepaalde gegevens te leveren.

 

Artikel 4. Overige controlevoorschriften

     In dit artikel zijn een aantal controlemaatregelen die de uitkeringsgerechtigde moet opvolgen, geconcretiseerd.

     De bepaling inzage te verschaffen in voor recht op of hoogte van de uitkering relevante informatie heeft in elk geval betrekking op de verificatie van inkomsten en sollicitatieactiviteiten, waar dit gewenst is. Aan zijn verplichtingen om tegen kostprijs kopieën te verstrekken kan de uitkeringsgerechtigde ook voldoen door de desbetreffende documenten ter beschikking te stellen aan het UWV, zodat kopieën kunnen worden vervaardigd. Het begrip informatie is niet beperkt tot gegevens op papier. Hieronder vallen ook digitale gegevens.
     De termijn die de uitkeringsgerechtigde verplicht wordt de op het recht op uitkering betrekking hebbende gegevens te bewaren, is in het tweede lid beperkt tot het eind van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarop de gegevens betrekking hebben. Met andere woorden: bewijzen van sollicitatieactiviteiten verricht op enig moment in 2010 in het kader van de op de uitkeringsgerechtigde rustende sollicitatieverplichtingen dienen tot 1 januari 2012 bewaard te blijven.
     In artikel 12 IOW staan een aantal verplichtingen tot het meewerken aan controle. Deze verplichtingen worden aangevuld in het onderhavige uitkeringsreglement. In het derde lid worden drie van deze controlevoorschriften ten behoeve van de uitvoering van de IOW ook van toepassing verklaard op de persoon die geen uitkering meer ontvangt. Deze persoon blijft na de uitkering verplicht om op een oproep van het UWV op een door het UWV te bepalen plaats te verschijnen om daar vragen te beantwoorden in verband met zijn inmiddels geëindigde recht op uitkering alsmede inzage te geven in bepaalde gegevens (bijvoorbeeld gegevens betreffende sollicitaties tijdens de uitkeringsperiode). Met het oog op het verstrekken van die gegevens is deze persoon ook verplicht de gegevens na de uitkering te bewaren gedurende de hierboven aangegeven periode.

 

Artikel 5. Melding van vakantie

     Met betrekking tot de verplichtingen van de uitkeringsgerechtigde in verband met vakantie is alleen opgenomen dat deze de vakantie moet melden. De uitkeringsgerechtigde behoeft geen toestemming van het UWV voor die vakantie. Met name is afgezien van de mogelijkheid om vakantie te weigeren wegens het schaden van kansen op de arbeidsmarkt. Dit omdat andere bepalingen dit reeds borgen. Te denken valt aan de bepaling dat de uitkeringsgerechtigde in voldoende mate tracht algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen (artikel 15, onderdeel b, IOW). Dit artikel 5 dient uitsluitend controledoeleinden.
     Met betrekking tot de termijn waarbinnen de uitkeringsgerechtigde mededeling moet doen van zijn vakantie is slechts opgenomen dat de uitkeringsgerechtigde dit vóór zijn vakantie moet doen. Gelet op deze termijn is het kenbaar maken van een beslissing over de gevolgen van het opnemen van de vakantie voor het recht op uitkering voorafgaande aan de vakantie niet mogelijk. De uitkeringsgerechtigde doet er goed aan zich over deze gevolgen aan de hand van de informatie die beschikbaar is gesteld door het UWV een beeld te vormen alvorens met vakantie te gaan. Een te lange vakantie leidt namelijk tot uitsluiting van het recht op uitkering over de te veel opgenomen vakantiedagen. Dit gelet op het bepaalde in artikel 6 IOW en de daarop gebaseerde vakantieregeling.

 

Artikel 6. Inwerkingtreding

     Het Uitkeringsreglement IOW 2009 treedt in werking op het moment waarop de IOW zelf in werking treedt en vervalt op het moment waarop de IOW zelf vervalt.

 

De voorzitter Raad van bestuur UWV,
J.M. Linthorst
.