Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen
Nadere regelgeving
Bijgewerkt tot en met 4 januari 2003

 

KLACHTENREGELING  CWI

Vervallen
m.i.v. 5 januari 2003
(art. 10 KC)

 
 

5 februari 2002, Stcrt. 2002, 140
Inwerkingtreding: 1 januari 2002

 

 

 

 
CWI 2002/005

     De Raad van bestuur van de Centrale organisatie werk en inkomen;
     Overwegende dat het in verband met een goede bedrijfsvoering wenselijk is een regeling te treffen voor de indiening en behandeling van klachten ter zake van gedragingen van de Centrale organisatie werk en inkomen;

     Besluit:

 

 

§ 1.  Definities

 

Art. 1. Definities
In deze regeling wordt verstaan onder:
1. de wet: de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen;
2. de CWI: de Centrale organisatie werk en inkomen als bedoeld in artikel 2 en hoofdstuk 4 van de wet;
3. de Raad van bestuur: de Raad van bestuur als bedoeld in artikel 3 van de wet;
4. een klacht: een schriftelijke of mondelinge uiting van ongenoegen over de dienst en/of de wijze waarop de dienstverlening heeft plaatsgevonden.

 

 

§ 2.  Indiening en behandeling van klachten

 

Art. 2. Indiening van klachten
-1. Een ieder heeft het recht om over de wijze waarop de CWI zich jegens hem heeft gedragen, schriftelijk of mondeling een klacht in te dienen bij de CWI.
-2. Een schriftelijk ingediende klacht wordt ondertekend en bevat ten minste:
a. de naam en het adres van de klager of diens gemachtigde;
b. de dagtekening;
c. een omschrijving van de gedraging waartegen de klacht zich richt.

 

Art. 3. Behandeling van klachten
-1. De behandeling van de klacht vindt plaats door een persoon die niet bij de gedraging waarop de klacht betrekking heeft, betrokken is geweest.
-2. De bevoegdheid tot behandeling van de klacht ligt bij de naasthogere manager onder wiens directe verantwoordelijkheid de gedraging heeft plaatsgevonden.
-3. Klachten die betrekking hebben op een lid van de Raad van bestuur worden behandeld door de Raad van bestuur.
-4. Een mondeling ingediende klacht wordt zo mogelijk direct afgehandeld door de ontvangende medewerker.
-5. Een mondeling ingediende klacht wordt op verzoek van de klager schriftelijk vastgelegd en door de CWI als schriftelijk ingediende klacht aangemerkt.
-6. Zodra de CWI naar tevredenheid van de klager aan diens klacht is tegemoet gekomen, vervalt de verplichting tot verdere toepassing van paragraaf 3.

 

Art. 4. Geen verplichting tot behandeling
-1. De CWI is niet verplicht een klacht te behandelen als deze een gedraging betreft:
a. die reeds eerder met inachtneming van een door de rechtsvoorganger van de CWI geldende klachtenregeling is behandeld;
b. die langer dan één jaar voorafgaand aan de indiening van de klacht heeft plaatsgevonden;
c. die aan het oordeel van een andere rechterlijke instantie dan de administratieve rechter is onderworpen of onderworpen is geweest;
d. ter zake waarvan op bevel van de officier van justitie een opsporingsonderzoek is gelast of vervolging is ingesteld; of
e. die deel uitmaakt van de opsporing of vervolging van een strafbaar feit ter zake waarvan op bevel van de officier van justitie een opsporingsonderzoek is gelast of vervolging is ingesteld.
-2. De CWI is niet verplicht een klacht te behandelen als deze niet voldoet aan de eisen, genoemd in artikel 2, tweede lid, mits de klager gedurende een redelijke termijn de gelegenheid heeft gehad de klacht aan te vullen.
-3. Van het niet in behandeling nemen van de klacht wordt de klager zo spoedig mogelijk, maar uiterlijk binnen vier weken na ontvangst schriftelijk in kennis gesteld.

 

 

§ 3.  Procedure

 

Art. 5. Ontvangstbevestiging
-1. Binnen vijf werkdagen na ontvangst van de klacht wordt aan de klager een ontvangstbevestiging gezonden.
-2. De ontvangstbevestiging bevat ten minste een beschrijving van de procedure en de te verwachten behandelingsduur van de klacht.
-3. Degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft, ontvangt een afschrift van de klacht, van de ontvangstbevestiging en van de daarbij behorende stukken.

 

Art. 6. Horen klager en beklaagde
-1. De CWI stelt de klager en degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft in de gelegenheid te worden gehoord.
-2. Van het horen van de klager kan worden afgezien als deze heeft verklaard geen gebruik te willen maken van het recht om gehoord te worden.
-3. Van het horen wordt een verslag gemaakt.

 

Art. 7. Termijn van behandeling
-1. De CWI handelt een klacht af binnen zes weken na ontvangst.
-2. De CWI kan wegens bijzondere omstandigheden de afhandeling voor ten hoogste vier weken verdagen.
-3. Van de verdaging wordt schriftelijk mededeling gedaan aan de klager en aan degene op wiens gedraging de klacht betrekking heeft.
-4. De mededeling van verdaging vermeldt de reden van de verdaging en de nieuwe termijn waarbinnen de afhandeling van de klacht naar verwachting zal kunnen plaatsvinden.

 

Art. 8. Bevindingen en conclusies
-1. De CWI stelt de klager schriftelijk en gemotiveerd in kennis van de bevindingen van het onderzoek naar de klacht en van de eventuele conclusies die hij daaraan verbindt.
-2. De CWI wijst de klager in deze kennisgeving op de mogelijkheid een klacht in te dienen bij de Nationale ombudsman.
-3. De CWI draagt zorg voor registratie van de schriftelijk ontvangen klachten, de bevindingen en van de conclusies uit het onderzoek.

 

 

§ 4.  Slotbepalingen

 

Art. 9. Slotbepalingen
Deze regeling vervangt alle op het moment van inwerkingtreding van deze regeling geldende klachtenregelingen van de rechtsvoorgangers van de CWI.

 

Art. 10. Citeertitel
Deze regeling kan worden aangehaald als: Klachtenregeling CWI.

 

Art. 11. Inwerkingtreding
Deze regeling treedt in werking op de tweede dag na ondertekening en werkt terug tot en met 1 januari 2002.

 

 

Zoetermeer, 5 februari 2002.
De Centrale organisatie werk en inkomen,
R. de Groot, voorzitter Raad van bestuur.

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | Wet SUWI | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x