BESLUIT van 16 augustus 1960, Stb. 1960, 370, houdende vaststelling van een nieuw reglement op het geneeskundige onderzoek omtrent de geschiktheid voor de militaire dienst. Inwerkingtreding: 10 oktober 1960.

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Defensie van 4 juni 1960, no. 659797/657959;
     Overwegende:
- dat het - onder meer in verband met de omstandigheid dat de Koninklijke Luchtmacht een afzonderlijk deel van de krijgsmacht is geworden - noodzakelijk is enige wijzigingen aan te brengen in het Militair keuringsreglement (Koninklijk besluit van 24 augustus 1949, Stb. J 404), terwijl ook de lijst welke bij dat reglement behoort herziening behoeft;
- dat het wenselijk is het gehele reglement opnieuw vast te stellen;
     Gelet op:
- de Dienstplichtwet (Stb. 1922, 43);
- de Militaire Ambtenarenwet 1931 (Stb. 1931, 519);
- de Wet bevordering en ontslag beroepsofficieren (Stb. 1954, 575);
- de Wet voor het reserve-personeel der krijgsmacht (Stb. 1954, 576);
- de Pensioenwet voor de zeemacht 1922 (Stb. 1922, 65);
- de Pensioenwet voor de landmacht 1922 (Stb. 1922, 66);
- de Pensioenwet voor het personeel der Koninklijke marinereserve 1923 (Stb. 1923, 355);
- de Pensioenwet voor het reserve-personeel der landmacht 1923 (Stb. 1923, 356);
- de Pensioenwet voor de vrijwilligers bij de landstorm (Stb. 1925, 278);
     De Raad van State gehoord (advies van 5 juli 1960, nr. 42);
     Gezien het nader rapport van Onze voornoemde Minister van Defensie van 10 augustus 1960, nr. 750710/657959;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Klik hier voor de geconsolideerde tekst van deze regeling (alleen voor abonnees).