BESLUIT van 11 mei 2006, Stb. 2006, 248, houdende regels met betrekking tot de veiligheid van voor het wegverkeer toegankelijke tunnels (Besluit aanvullende regels veiligheid wegtunnels). Inwerkingtreding: 25 mei 2006 (Stb. 2006, 249).

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 23 januari 2006, nr. HDJZ/I&O/2006-4, Hoofddirectie Juridische Zaken;
     Gelet op de Richtlijn nr. 2004/54/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 inzake minimumveiligheidseisen voor tunnels in het trans-Europese wegennet (PbEU L 167, gerectificeerd in PbEU L 201);
     Gelet op de artikelen 3 en 12 van de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels, de artikelen 7, 40a, 120 en 120a van de Woningwet en artikel 14 van de Wegenverkeerswet 1994;
     De Raad van State gehoord (advies van 16 februari 2006, nr. W09.06.0003/V);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat van 28 april 2006, nr. HDJZ/I&O/2006-591, Hoofddirectie Juridische Zaken;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

§ 1. Algemene bepalingen

Artikel 1

In dit besluit en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

richtlijn: de Richtlijn nr. 2004/54/EG van het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie van 29 april 2004 inzake minimumveiligheidseisen voor tunnels in het trans-Europese wegennet (PbEU L 167, gerectificeerd in PbEU L 201);

wet: Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels;

commissie: de Commissie voor de tunnelveiligheid, bedoeld in artikel 3 van de wet.

Artikel 2

  • 1.De commissie bestaat uit deskundigen op het gebied van de veiligheid met betrekking tot tunnels.

  • 2.De voorzitter, de plaatsvervangende voorzitter en de overige leden van de commissie worden bij koninklijk besluit, op voordracht van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat, benoemd en ontslagen.

  • 3.De benoeming van de voorzitter, de plaatsvervangende voorzitter en de andere leden van de commissie geschiedt voor een tijdvak van vijf jaar. Zij zijn terstond wederbenoembaar.

  • 4.De voorzitter, de plaatsvervangende voorzitter en de overige leden van de commissie kunnen te allen tijde ontslag nemen door een schriftelijke kennisgeving aan Onze Minister van Verkeer en Waterstaat.

  • 5.De commissie wijst een secretaris aan. Deze is geen lid van de commissie.

  • 6.Bij regeling van Onze Minister van Verkeer en Waterstaat worden nadere regels gesteld ten aanzien van de werkwijze van de commissie.

§ 2 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 3 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 4 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 5 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 6 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 7 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 8 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 9 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 10 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 11 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 12 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 13 [Vervallen per 01-04-2012]

Artikel 14 [Vervallen per 01-04-2012]

§ 3. Wijziging van andere algemene maatregelen van bestuur

Artikel 15

[Wijzigt het Besluit indieningsvereisten aanvraag bouwvergunning]

Artikel 16

[Wijzigt het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990]

§ 4. Slotbepalingen

Artikel 17

Dit besluit treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel 18

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit aanvullende regels veiligheid wegtunnels.

 

 

     Lasten en bevelen dat dit besluit met de daarbij behorende nota van toelichting in het Staatsblad zal worden geplaatst.

 

’s-Gravenhage, 11 mei 2006

 

BEATRIX

 

De Minister van Verkeer en Waterstaat,
K.M.H. Peijs

 

Uitgegeven de drieëntwintigste mei 2006
De Minister van Justitie,
J.P.H. Donner