Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Liquidatiewet ongevallenwetten

 

BESLUIT  UITVOERING  AFWIKKELING  LIQUIDATIE-UITKERINGEN  EN  VOORZIENINGEN

Tekst zoals deze geldt op 24 juli 2014

 

 

 

 
BESLUIT van 7 september 1967, houdende vaststelling van een algemene maatregel van bestuur, bedoeld in artikel 55 van de Liquidatiewet invaliditeitswetten, artikel 26 van de Liquidatiewet ongevallenwetten en artikel 57, vijfde lid, van de Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering

 

     WIJ JULIANA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 12 juli 1967, Directoraat-Generaal voor Sociale Voorzieningen, Directie Sociale Verzekering, Afdeling Algemene Zaken, nr. 58424;
     Gelet op artikel 55 van de Liquidatiewet invaliditeitswetten, artikel 26 van de Liquidatiewet ongevallenwetten en artikel 57, vijfde lid, van de Wet overgangsregeling arbeidsongeschiktheidsverzekering;
     De Raad van State gehoord (advies van 2 augustus 1967, nr. 51);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid van 31 augustus 1967, Directoraat-Generaal voor Sociale Voorzieningen, Directie Sociale Verzekering, Afdeling Algemene Zaken, nr. 59191;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

Hoofdstuk I. Algemene bepaling

 

Artikel 1

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder:

a. de Bank: de Sociale Verzekeringsbank;

b. de G.M.D.: de Gemeenschappelijke Medische Dienst, bedoeld in hoofdstuk II, ß 2a van de Organisatiewet Sociale Verzekering;

c. het bevoegd orgaan: het orgaan, dat ten opzichte van de betrokkene is belast met de toekenning, herziening, intrekking en/of betaalbaarstelling van uitkeringen krachtens de Liquidatiewet ongevallenwetten.

 

Hoofdstuk II. Invaliditeitsrenten en weduwenrenten op grond van invaliditeit krachtens de Invaliditeitswet

 

Artikel 2

In afwijking, voor zoveel nodig, van hetgeen bij of krachtens de Invaliditeitswet, in verbinding met de Liquidatiewet invaliditeitswetten, is bepaald met betrekking tot aanvraag, toekenning en intrekking van een invaliditeitsrente als bedoeld in artikel 71 van de Invaliditeitswet en van een weduwenrente ingevolge die wet op grond van invaliditeit, is ten aanzien van degene, die aanspraak maakt op of in het genot is van een zodanige invaliditeitsrente of weduwenrente het bepaalde in de artikelen 3 tot en met 7 van toepassing en voorts het bepaalde in artikel 22a, eerste lid, van de Organisatiewet Sociale Verzekering van overeenkomstige toepassing.

 

Artikel 3

In afwijking van het bepaalde in artikel 144 van de Invaliditeitswet, onderscheidenlijk artikel 19 van de Liquidatiewet invaliditeitswetten, wordt een aanvraag om invaliditeitsrente of weduwenrente op grond van invaliditeit behandeld overeenkomstig het bepaalde in de artikelen 4 en 5 van dit besluit en in de artikelen 146, 147, 150, 151, eerste volzin, en 152 van de Invaliditeitswet. Bij de toepassing van laatstgenoemde artikelen neemt de G.M.D. de plaats in van de in die artikelen genoemde Raad van Arbeid.

 

Artikel 4

1.Na ontvangst van een aanvraag om invaliditeitsrente onderzoekt de Raad van Arbeid summier of de wachttijd is vervuld dan wel geacht kan worden te zijn vervuld, of de verzekering nietig is en of er aanleiding bestaat om op grond van artikel 158 van de Invaliditeitswet een niet-ontvankelijkverklaring uit te spreken.

2.Na ontvangst van een aanvraag om weduwenrente op grond van invaliditeit onderzoekt de Raad van Arbeid summier of de echtgenoot in het genot was van een invaliditeits- of ouderdomsrente of 40 premiŽn in rekening kan doen brengen.

3.De Raad van Arbeid zendt een aanvraag als in de vorige leden bedoeld met de uitslag van het onderzoek door aan de Bank of, indien een onderzoek door de G.M.D. nodig is, aan die Dienst.

 

Artikel 5

De Bank neemt geen beslissing inzake de aanvraag om een invaliditeitsrente of weduwenrente op grond van invaliditeit of de intrekking van zodanige rente, zolang zij niet in het bezit is van een advies van de G.M.D., tenzij zij reeds over de voor die beslissing vereiste gegevens beschikt.

 

Artikel 6

De G.M.D. neemt de plaats in van de in de artikelen

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | de wet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x