Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Liquidatiewet ongevallenwetten

 

BESLUIT  BEREKENING  AFKOOPSOMMEN  ONGEVALSUITKERINGEN  2008

Tekst zoals deze geldt op 24 juli 2014
Besluit vervalt m.i.v. 2 augustus 2017

 

 

 

 
BESLUIT van 19 mei 2008, houdende regels over de berekening van afkoopsommen van ongevalsuitkeringen (Besluit berekening afkoopsommen ongevalsuitkeringen 2008)

 

     WIJ BEATRIX, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

     Op de voordracht van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 4 april 2008, nr. SV/WV/2008/8885;
     Gelet op de artikelen 19 en 26 van de Liquidatiewet ongevallenwetten;
     De Raad van State gehoord (advies van 23 april 2008, nr. W12.08.0122/III);
     Gezien het nader rapport van Onze Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid van 9 mei 2008, nr. SV/WV/2008/12772;

     Hebben goedgevonden en verstaan:

 

 

1. Algemene bepaling

 

Artikel 1

Voor de toepassing van dit besluit wordt verstaan onder de ongevallenwetten: de Ongevallenwet 1921, de Land- en Tuinbouwongevallenwet 1922 en de Zeeongevallenwet 1919.

 

2. Aanspraken krachtens artikel 18 van de Liquidatiewet ongevallenwetten

 

Artikel 2

Voor de berekening van de contante waarde, betrekking hebbend op gevallen als bedoeld in artikel 18 van de Liquidatiewet ongevallenwetten, worden deze gevallen onderscheiden in:

a. gevallen, waarin tussen de datum, waarop het ongeval plaatsvond en de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, ten minste 2 jaar is verstreken;

b. gevallen, waarin tussen de datum, waarop het ongeval plaatsvond en de pensioengerechtigde leeftijd, bedoeld in artikel 7a, eerste lid, van de Algemene Ouderdomswet, minder dan 2 jaar is verstreken, doch die een zodanig blijvend karakter hebben, dat de mate van ongeschiktheid tot werken als definitief kan worden beschouwd;

c. de overige gevallen.

 

Artikel 3

1. De contante waarde in de gevallen

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | de wet | alle wetten | zoeken | volgende

Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x