Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 
  
 

 
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

 
vorige

Nadere regelgeving
 
Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels

 

REGELING  AANVULLENDE  REGELS  VEILIGHEID  WEGTUNNELS

Tekst zoals deze geldt op 25 juli 2014

 

 

 

 
     De Minister van Verkeer en Waterstaat;
     Gelet op de artikelen 3, tweede lid, 5, tweede en vierde lid, 6, eerste en tweede lid, 7, 8, tweede lid, 9, 10 en 12 van de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels, artikel 2, zesde lid, van het Besluit aanvullende regels veiligheid wegtunnels, de artikelen 120 en 120a van de Woningwet en artikel 14 van de Wegenverkeerswet 1994;

     Besluit:

 

 

Artikel 1

1.In deze regeling wordt verstaan onder tunnelveiligheidsdossier: het dossier, bedoeld in artikel 10 van de wet.

2.Het begrip voorval omvat mede ongeluk of incident.

 

Artikel 2 [Vervallen per 01-07-2013]

 

Artikel 3 [Vervallen per 01-07-2013]

 

Artikel 4

De risicoanalyse, bedoeld in artikel 6, derde lid, van de wet, wordt uitgevoerd overeenkomstig het in bijlage 1 bij deze regeling opgenomen model QRA-tunnels.

 

Artikel 5

1. Het tunnelveiligheidsplan, bedoeld in artikel 6c van de wet, wordt opgesteld en uitgevoerd overeenkomstig bijlage 2, onderdeel B1, bij deze regeling.

2. Het tunnelveiligheidsplan bevat ten minste:

a. een globale beschrijving van het ontwerp van de tunnel, alsmede van de relevante locatieaspecten, de ruimtelijke inpassing en de technische haalbaarheid van de tunnel;

b. een beschrijving van het voorziene gebruik van de tunnel;

c. indien er een gestandaardiseerde uitrusting wordt toegepast, de keuze van de toe te passen gestandaardiseerde uitrusting als bedoeld in artikel 6b van de wet, dan wel de keuze om van de gestandaardiseerde uitrusting af te wijken op grond van artikel 6b, derde lid, van de wet;

d. een beschrijving van de uitkomsten van de risicoanalyse bedoeld in artikel 6, derde lid van de wet, waarmee wordt toegelicht dat met de gekozen uitrusting aan de norm, bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de wet wordt voldaan;

e. een globale beschrijving van de organisatie van het beheer van de tunnel en de calamiteitenbestrijding.

 

Artikel 6

1. Het veiligheidsbeheerplan, bedoeld in artikel 7 van de wet, wordt opgesteld en uitgevoerd overeenkomstig bijlage 2, onderdeel B3, bij deze regeling.

2. Het veiligheidsbeheerplan bevat ten minste:

a. een beschrijving van het gebruik van de tunnel;

b. een beschrijving van het tunnelsysteem;

c. een beschrijving van de organisatie, processen, procedures, werkinstructies en planningen ten behoeve van het gebruik, de inspectie en het onderhoud van de tunnel;

d. een beschrijving van de wijze waarop registratie en evaluatie van significante voorvallen plaats vindt en een beschrijving van de wijze waarop verbeteringen worden doorgevoerd;

e. een analyse van scenario’s van ongevallen of indien die analyse op grond van artikel 7, eerste lid, van de wet, achterwege is gebleven, de redenen daarvoor, en

f. een calamiteitenbestrijdingsplan waarin ook rekening gehouden is met mensen met een beperkte mobiliteit en met gehandicapten en chronisch zieken en dat voorts bevat:

i. een beschrijving van de operationele afspraken tussen de tunnelbeheerder en de hulpverleningsdiensten over de inzet tijdens calamiteiten, en

ii. instructies voor de uit te voeren bedienprocessen tijdens incidenten en calamiteiten.

3. De incidenten, bedoeld in het tweede lid, onderdeel f, onder ii, zijn in ieder geval:

a. stilstaande voertuigen;

b. aanrijdingen;

c. verloren lading, en

d. voorvallen met verdwaalde personen.

4. De calamiteiten, bedoeld in het tweede lid, onderdeel f, onder ii, zijn in ieder geval:

a. een ernstige aanrijding of een kettingbotsing;

b. een brand of het vermoeden daarvan;

c. het vrijkomen van gevaarlijke stoffen of een vermoeden daarvan;

d. een brand in de verkeerscentrale;

e. een bommelding.

 

Artikel 6a

1. De instructies, bedoeld in artikel 6, tweede lid, onderdeel f, onder ii, bevatten een beschrijving van de handelswijze bij incidenten en calamiteiten overeenkomstig de volgende processtappen:

a. vaststellen van de aard van het voorval;

b. bepalen van de afhandelingstrategie;

c. instellen van initiële maatregelen;

d. informeren en oproepen van hulpverleningsdiensten;

e. instellen van additionele maatregelen;

f. herstellen en normaliseren van de verkeerssituatie;

g. loggen en registreren van het voorval en de afhandeling ervan.

2. Voor tunnels langer dan 500 meter die zijn uitgerust met een gestandaardiseerde uitrusting overeenkomstig artikel 13 bevatten de instructies een nadere uitwerking van de in bijlage 3 opgenomen uitgangspunten.

 

Artikel 6b

De analyse van scenario’s van ongevallen als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de wet en in artikel 6, tweede lid, onderdeel e, van deze regeling, wordt

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

    
 

x

   

home | de wet | alle wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x