Geschiedenis van deze regeling:

Datum inwerkingtreding Terugwerkende kracht t/m Betreft Bekendmaking regeling Bekendmaking inwerkingtreding
27-02-2020 01-01-2020 Wijziging Stcrt. 2020, 11279 Stcrt. 2020, 11279
01-01-2020   Wijziging Stcrt. 2019, 61945 Stcrt. 2019, 61945
  Wijziging Stcrt. 2019, 54031 Stcrt. 2019, 54031
  Wijziging Stcrt. 2019, 36799 Stcrt. 2019, 36799
26-07-2019   Wijziging Stcrt. 2019, 41519 Stcrt. 2019, 41519
01-07-2019   Wijziging Stcrt. 2019, 36152 Stcrt. 2019, 36152
01-05-2019   Wijziging Stcrt. 2018, 68315
samen met
Stcrt. 2019, 14678
Stcrt. 2018, 68315
20-03-2019 01-01-2019 Wijziging Stcrt. 2019, 14678 Stcrt. 2019, 14678
20-02-2019 01-01-2019 Wijziging Stcrt. 2019, 8749 Stcrt. 2019, 8749
01-01-2019   Wijziging Stcrt. 2018, 68315 Stcrt. 2018, 68315
  Wijziging Stcrt. 2018, 64436 Stcrt. 2018, 64436
  Wijziging Stcrt. 2018, 63451 Stcrt. 2018, 63451
14-11-2018 01-01-2018 Wijziging Stcrt. 2018, 63451 Stcrt. 2018, 63451
18-06-2018   Wijziging Stcrt. 2018, 33341 Stcrt. 2018, 33341
14-03-2018 01-01-2018 Wijziging Stcrt. 2018, 13855 Stcrt. 2018, 13855
01-01-2018   Wijziging Stcrt. 2017, 60664 Stcrt. 2017, 60664
01-06-2017   Wijziging Stcrt. 2017, 29340 Stcrt. 2017, 29340
01-04-2017   Wijziging Stcrt. 2017, 11464 Stcrt. 2017, 11464
  Wijziging Stcrt. 2017, 4209
Herplaatsing in
Stcrt. 2017, 4209H
Stcrt. 2017, 4209
Herplaatsing in
Stcrt. 2017, 4209H
01-01-2017   Wijziging Stcrt. 2016, 53652 Stcrt. 2016, 53652
01-11-2016   Wijzging Stcrt. 2016, 58138 Stcrt. 2016, 58138
01-08-2016   Wijziging Stcrt. 2016, 40557 Stcrt. 2016, 40557
01-01-2016   Wijziging Stcrt. 2015, 46550 Stcrt. 2015, 46550
  Wijziging Stcrt. 2015, 42523 Stcrt. 2015, 42523
11-12-2015   Wijziging Stcrt. 2015, 44555 Stcrt. 2015, 44555
24-03-2015 01-01-2015 Wijziging Stcrt. 2015, 7675 Stcrt. 2015, 7675
01-01-2015   Nieuwe regeling Stcrt. 2014, 36807 Stcrt. 2014, 36807

 

 

REGELING van de Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie van 12 december 2014, houdende regels voor de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Uitvoeringsregeling Wmo 2015)

     De Staatssecretaris van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie;
     Gelet op de artikelen 3 van de Kaderwet VWS-subsidies, 5, derde lid, van de Kwaliteitswet zorginstellingen, 48i, tweede lid, van de Wet Justitie-subsidies, 2.5.1, vierde lid, 4.2.10, derde lid, 4.2.13, 4.2.14, 5.2.9, zesde lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, 2.7 van de Wet normering bezoldiging topfunctionarissen publieke en semipublieke sector, 107 van de Vreemdelingenwet 2000, 21 van het Besluit aanvullende arbeidsongeschiktheids- en invaliditeitsvoorzieningen militairen, 3.13, eerste lid, 4.3.3, eerste en tweede lid, en 5.3 van het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015 en artikel 7a, vierde lid, van het Uitvoeringsbesluit omzetbelasting 1968;

     Besluiten:

 

 

HOOFDSTUK  1

Algemene bepalingen

 

Art. 1.
In deze regeling wordt verstaan onder:
- Uitvoeringsbesluit: Uitvoeringsbesluit Wmo 2015;
- wet: Wet maatschappelijke ondersteuning 2015;
- minister: Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;
- ministers: de Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en de Minister van Veiligheid en Justitie;
- inspanningsgerichte uitvoeringsvariant: uitvoering van maatschappelijke ondersteuning waarbij er een afspraak is tussen het college en de aanbieder over de levering van een specifiek product of dienst in een afgesproken eenheid;
- iWmo: door het Zorginstituut beheerde standaarden als bedoeld in artikel 2.6.7a, derde lid, van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 bestaande uit bedrijfsregels, berichtenstandaarden en berichtspecificaties;
- outputgerichte uitvoeringsvariant: uitvoering van maatschappelijke ondersteuning waarbij er een afspraak is tussen het college en de aanbieder over het te behalen resultaat.¹

1. Volgens de redactie dienen aan de begripsbepalingen te worden toegevoegd:
- college: college van burgemeester en wethouders;
- Zorginstituut: Zorginstituut Nederland.

 

 

HOOFDSTUK  2

Persoonsgebonden budget

 

Art. 2.
In deze paragraaf wordt verstaan onder:
a. derde: derde als bedoeld in artikel 2.3.6, eerste lid, van de wet;
b. hulp uit het sociale netwerk: natuurlijk persoon die maatschappelijke ondersteuning verleent die rechtstreeks voortvloeit uit een tussen hem en de cliënt bestaande sociale relatie, tenzij die maatschappelijke ondersteuning beroeps- of bedrijfsmatig wordt verleend.

 

Art. 2a.
-1. De cliënt sluit een schriftelijke overeenkomst met iedere derde die hij ten laste van zijn persoonsgebonden budget maatschappelijke ondersteuning laat verlenen, behalve voor zover reeds vervoer van een derde is betrokken of een hulp uit het sociaal netwerk maatschappelijke ondersteuning zal verlenen.
-2. Overeenkomsten als bedoeld in het eerste lid, zijnde een arbeidsovereenkomst, overeenkomst van opdracht of overeenkomst van vervoer, worden opgesteld volgens de meest recente door de Sociale verzekeringsbank vigerende vastgestelde toepasselijke modelovereenkomsten, die beschikbaar waren gesteld ten tijde van het afsluiten van die overeenkomst, en bevatten bovendien ten minste:

 

 

 


De volledige, bijgewerkte pagina is alleen voor abonnees beschikbaar.
Voor meer informatie klik hier.