Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met de cookies voor Google-advertenties. Meer info.

 
 

 

St-AB.nl

 

 

 
     
 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

             

  
vorige

KAMERSTUKKEN

 

WET  WERK  EN  BIJSTAND

 

 

 

rblz.|1| 

Kamerstukken II 2002-2003, 28 870

Vaststelling van een wet inzake ondersteuning bij arbeidsinschakeling en verlening van bijstand door gemeenten (Wet werk en bijstand)

 

 

Nr.r93 VERSLAG  VAN  EEN  WETGEVINGSOVERLEG

 

Vastgesteld 27 augustus 2003

 

     De vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid Ļ heeft op 25 augustus 2003 overleg gevoerd met staatssecretaris Rutte van Sociale Zaken en Werkgelegenheid over de financieringssystematiek zoals opgenomen in het wetsvoorstel Vaststelling van een wet inzake ondersteuning bij arbeidsinschakeling en verlening van bijstand door gemeenten (Wet werk en bijstand) (28 870).

     Van dit overleg brengt de commissie bijgaand stenografisch verslag uit.

 

De voorzitter van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
Hamer

De griffier van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid,
Nava

 

1. Samenstelling:
Leden: Noorman-den Uyl (PvdA), Bakker (D66), Rouvoet (CU), De Vries (VVD), De Wit (SP), Van Gent (GL), Verburg (CDA), Hamer (PvdA), voorzitter, Bussemaker (PvdA), Vendrik (GL), Mosterd (CDA), Smits (PvdA), ÷rgŁ (VVD), Weekers (VVD), Rambocus (CDA), De Ruiter (SP), Ferrier (CDA), ondervoorzitter, Van Loon-Koomen (CDA), Bruls (CDA), Varela (LPF), Eski (CDA), Aptroot (VVD), Smeets (PvdA), Douma (PvdA), Stuurman (PvdA), Kraneveldt (LPF) en Hirsi Ali (VVD).
Plv. leden: Depla (PvdA), Dittrich (D66), Van der Vlies (SGP), Blok (VVD), Kant (SP), Halsema (GL), Smilde (CDA), Verbeet (PvdA), Timmer (PvdA), Tonkens (GL), Omtzigt (CDA), Adelmund (PvdA), Van Miltenburg (VVD), Visser (VVD), Algra (CDA), Lazrak (SP), Vietsch (CDA), Van Dijk (CDA), Hessels (CDA), Hermans (LPF), Van Oerle-van der Horst (CDA), Wilders (VVD), Van Dijken (PvdA), Blom (PvdA), Kalsbeek (PvdA), Eerdmans (LPF) en Schippers (VVD).

 

 

rblz.|3| 

Stenografisch verslag van een wetgevingsoverleg van de vaste commissie voor Sociale Zaken en Werkgelegenheid

 

 

Maandag 25 augustus 2003
Aanvang 13.00 uur

 

Voorzitter: Hamer

Aanwezig zijn 7 leden der Kamer, te weten: Bruls, Van Gent, Noorman-Den Uyl, Varela, Verburg, Van der Vlies en Weekers,

en de heer Rutte, Staatssecretaris van Sociale Zaken en Werkgelegenheid.

 

     De voorzitter: Ik heet de staatssecretaris, de leden en de andere aanwezigen van harte welkom. Er zijn berichten van verhindering binnengekomen van de heer Bakker van de fractie van D66 en van de heer Rouvoet van de ChristenUnie; laatstgenoemde is mee op reis met de fractievoorzitters naar de Nederlandse Antillen. Deze fracties zullen vanmiddag niet vertegenwoordigd zijn.
     Dit wetgevingsoverleg wordt gehouden om informatie voor het debat van morgen boven tafel te krijgen. Gelet op het aantal woordvoerders stel ik voor om een spreektijd van ongeveer vijftien minuten per persoon aan te houden. Ik zal een overschrijding van de spreektijd niet verbieden, maar er moet voldoende gelegenheid zijn voor de staatssecretaris om te antwoorden. Ik verzoek de staatssecretaris en zijn ambtenaren om vragen die een uitgebreid antwoord vergen, op papier te zetten en vůůr morgen aan te leveren.

     Mevrouw Noorman-den Uyl (PvdA): Voorzitter. Een vast budget in plaats van een declaratiesysteem voor werk en bijstand vormt een oplossing om een enorme hoeveelheid aan administratieve regels af te schaffen. Dat is goed. Niettemin heeft de PvdA-fractie zich in het verleden heftig verzet tegen een groter eigen risico voor gemeenten. Mijn fractie ziet kansen maar ook grote bezwaren. De PvdA-fractie legt de meetlat bij de voorstellen voor budgettering en financiering langs de volgende vragen: is voldoende gewaarborgd dat de financiŽle risicoís van rijksbeleid en conjunctuur niet bij de gemeenten terechtkomen, kunnen de gemeenten het volume van de bijstand door mensen aan het werk te helpen voldoende verlagen met de hulpmiddelen die zij krijgen, staat de scherpte van 100% eigen risico als financiŽle prikkel in verhouding tot de overige financiŽle huishouding - uit het Nyfer-rapport blijkt dat zich op dat punt problemen voordoen - en is het verdeelsysteem van het budget wel billijk en rechtvaardig?
     De Raad van State, de Raad voor de financiŽle verhoudingen, de VNG [Vereniging van Nederlandse Gemeenten, red.] en iedereen die betrokken is bij de financiering en het verdeelsysteem hebben forse kritiek geuit. Wij delen veel bezwaren. Wij hebben kritiek op de antwoorden van de regering op vragen uit de Kamer; veelal wordt volstaan met het uitleggen van hetgeen door de regering wordt beoogd. Vragen over risicoís worden niet beantwoord of niet beargumenteerd. Het financiŽle stelsel van deze belangrijke wet, die over Ä|6 mld gaat, mag niet gebaseerd zijn op niet-beargumenteerde aannames. De vraag is dan ook waarom zoveel gemeenten in de min worden gezet; Dordrecht bijna 9 mln minder, Gouda 5,6 mln, 32%, minder, Ede, Veenendaal, Almelo, wat hebben die gemeenten verkeerd gedaan? Er is geen argumentatie gegeven.
     Waarom krijgen andere gemeenten soms excessief bedragen extra? Ook daarvoor is geen woord van uitleg of verdediging gegeven. Legt u mij eens uit, meneer de staatssecretaris, waarom Amstelveen 4 mln extra krijgt met 750 klanten? Het bedrag wordt dus met 56% verhoogd? Waar heeft die gemeente dat voor nodig? Eindhoven krijgt 15 mln extra, 26%, en Almere ook. Wat is de basis voor deze vergaande voorstellen? In de huidige vorm is het verdeelmodel onvoldragen en onverantwoord.
     De Partij van de Arbeid doet een serieuze poging om aan de hand van verbeteringsvoorstellen de hardheid van het onvolkomen model te verzachten, om de invoering van het budgetteren bij de gemeente mogelijk te maken. Mijn partij wil samen met andere partijen een breder draagvlak voor de invoering realiseren. Dat is beter dan de gammele hangbrug boven de kloof waarop de regering momenteel balanceert. Op deze manier haalt de staatssecretaris de overkant niet, maar het kan wel anders. Allereerst het verdeelmodel; de voorgestelde financiering wordt op verschillende manieren aangestuurd, namelijk aan de hand van de vaststelling van het macrobudget, het verdeelsysteem van het budget tussen de gemeenten, de scherpte van de prikkel indien de gemeente onvoldoende presteert of de beloning als het goed gaat en de middelen voor het werkdeel. Een algemene opmerking over het macrobudget: de staatssecretaris gaat er steeds van uit dat de gemeenten een dalend bestand kunnen realiseren. Hij geeft aan dat gemeenten "overhouden". De huidige conjunctuur en het rijksbeleid leiden echter per definitie tot een stijging van de bijstandspopulatie. Hoe brengt de regering het "minder/meer" in beeld?
 
    rblz.|4| Op dit punt zijn ramingen aan de orde, want de regering kiest voor een systeem waarin uitgaven alleen geraamd worden op basis van CPB-ramingen [CPB: Centraal Planbureau, red.]. Vooraanstaande Nederlandse economen uiten forse kritiek, onder meer in de Volkskrant en het NRC van 27 juni jl., op de kwaliteit en

 

 

 


Klik hier om de volledige, bijgewerkte pagina te verkrijgen.



 

 

 

 

 

 

 

                                          

 

    
 

x

   

home | kamerstukken | Wwb | IWwb | sz-wetten | overige wetten | zoeken | volgende

© Copyright Stichting Adviesgroep Bestuursrecht. Alle rechten voorbehouden.
x